navigatie overslaan

Kasteel De Kinkhorst bij Meppel

In 1511 liet drost Rudolf van Munster bij Meppel een kasteel bouwen met evenveel ramen als er dagen in het jaar zijn. Met dit indrukwekkende bouwwerk wilde hij de toegangsweg tot Drenthe bij Meppel beheersen. Dit was echter tegen de zin van de Overijsselse steden Zwolle, Kampen en Deventer. Zij beriepen zich op een afspraak met de bisschop van Utrecht, waarin was vastgelegd dat er in de Landschap Drenthe geen versterkte huizen, kastelen of burchten mochten zijn—behalve het kasteel in Coevorden. Daarom sommeerden zij Rudolf om De Kinkhorst af te breken of op zijn minst te ontmantelen.

Maar Rudolf was een heerszuchtig man met grootse plannen. Als drost van Drenthe had hij al de macht over Coevorden en met De Kinkhorst kon hij ook een tweede strategische toegang tot Drenthe controleren. Hij weigerde dan ook in te gaan op de eis van de Overijsselse steden. Die lieten het er niet bij zitten en verwoestten het kasteel in 1512.

Toch bleef De Kinkhorst niet lang in puin liggen. In 1522 kwam er opnieuw bedrijvigheid op de Kinkhorstlanden, toen Karel van Gelre hier de macht kreeg. Ook hij zag het belang van een sterke verdediging en besloot zowel Coevorden te versterken als De Kinkhorst te herbouwen. Hij gaf het bevel over het kasteel aan zijn neef Hendrik van Barneveld, bijgenaamd Magere Hein.

Geleidelijk groeide het verzet tegen het bewind van de graaf van Gelre. Nadat Groningen in 1536 Karel de gehoorzaamheid had opgezegd, kon Drenthe niet achterblijven. In september 1536 belegerde veldheer Georg Schenck van Tautenburg zowel Coevorden als De Kinkhorst. Coevorden gaf zich op 10 november over, maar op De Kinkhorst hield Magere Hein het bijna drie maanden vol. Pas op 3 december 1536 moest hij zich uiteindelijk overgeven. Kort daarna deed Karel van Gelre definitief afstand van al zijn rechten op De Kinkhorst.

Als stille herinnering aan dit beleg zijn enkele kanonskogels ingemetseld in de muur van de Hervormde Kerk van Meppel. Na de overgave werd De Kinkhorst voor de tweede keer afgebroken. Het kasteel stond in het gebied tussen de huidige Prins Hendrikstraat en de Prins Hendrikkade.